|
Terwijl ik mij, lekker van het zonnetje genietend, op het wollen vloerkleed in de voorkamer en suite vlij, glijdt mijn blik naar rechts. Jemig! Daar torent een halve meter lectuur boven de veertig centimeter hoge rieten mand onder mijn werktafel uit. Die mand heb ik daar ooit neergepland om er alle rondslingerende leeswaar in te gooien. Lange tijd moest je in de mand kijken om te zien of er nog iets lag - mijn opgeruimde gemoed zorgde er voor dat alle lectuur snel in de papierbak buiten verdween. Hier kwam een einde aan toen manlief met steeds grotere regelmaat constateerde dat er ongelezen voer was weggemikt. Zuchtend ging hij dan naar de papierbak om met veel misbaar 'zijn' krant of 'zijn Elsie' tussen de proppen uit te vissen. Maar manlief is druk, dus de hoeveelheid niet gelezen vakliteratuur en andere onzin groeit en groeit. Terwijl ik mij dit lig te bedenken, nog steeds genietend van het voorjaarszonnetje dat mij lekker verwarmt, besef ik dat ik hartstikke gek ben. Want al dat leesvoer ligt me aan te kijken alsof IK het moet lezen. En ik lees voor mijn werk al zoveel (en dan heb ik het nog niet over de beroepsdeformatie, die maakt dat ik zelfs de Linda in mijn vrije tijd niet kan lezen zonder schrijfstijlen te analyseren). Loom richt ik me op en grijp de mand: weg ouwe Elsie - donderdag ligt er weer een nieuwe Elsevier - dag regionale krantenexemplaren van alle dagen van de week die we toch niet lezen vanwege tijdgebrek met drie kinderen en werk - dag weekend Telegraaf die we niet helemaal uit kunnen lezen, maar die toch wel lekker is om roddels en andere onzin te lezen - dag Adformatie, Carp, Intermediair, Sprout en ander weekvoer in sealing, voor jullie heb ik ook even geen tijd... en zo ruim ik een hele halve meter weg. Een week en zes postronden later is de stapel weer net zo hoog. Ik denk dat ik gek word. STAPELgek. Maar ik laat hem nog lekker even liggen. Tot ik weer de papierkriebels krijg. |